In Amadou neem je als toeschouwer plaats in een heerlijk knusse setting met zicht op een ondergaande zon. Je wordt verwelkomd door Aminata Demba, die ons gedurende de voorstelling meeneemt op een magische reis boordevol avontuur. Zij wordt daarin bijgestaan door twee live-muzikanten. Nadat ze er zeker van is dat iedereen een plekje gevonden heeft, en dat “iedereen zijn oren open staan”, begint ze aan haar verhaal. Demba kruipt in de rol van een kind dat vragen heeft over de wereld waarin ze leeft, maar ook over waar ze vandaan komt. Op haar verkenningstocht naar zichzelf en naar antwoorden komt ze verschillende figuren tegen: tantes die haar volstoppen met allerlei lekkers, een bezorgd nijlpaard, een verliefde geit… Allen hopen ze op een beetje begrip en hulp van het hoofdpersonage. Die heeft daar echter geen oren naar en handelt vooral vanuit eigenbelang. Pas als zij erin slaagt om haar medemens (en dier) te helpen, kan ze terugkeren naar huis. Zo deelt Amadou, bijna langs de neus weg, een belangrijke boodschap over verbinding maken en de ander helpen. Tegelijk is deze familievoorstelling voor 8+ zoveel meer dan een sprookje over identiteit. Complexloos verenigt ze een eigentijdse visie op theater met de eeuwenoude traditie van de griots, de West-Afrikaanse verhalenvertellers. Amadou is dan ook een lofzang op de kunst van het vertellen, geïnspireerd door het werk van de Malinese auteur Amadou Hampâté Bâ. Hij verzamelde en bewaarde orale verhalen van de Peul, het nomadische volk uit West-Afrika waar Demba ook zelf van afstamt. Samen geeft dat verteltheater op zijn best, ondersteund door prachtige live muziek (gebracht door Sam Gysel en Issa Ndour) en een soundscape die je volledig onderdompelt in de reis van het hoofdpersonage. De jury looft het vakmanschap waarmee Demba haar vertelling brengt en interageert met het publiek. Als geen ander weet zij haar toehoorders geboeid te houden. Dat maakt van Amadou een plaatje dat volledig klopt, een praatje dat theater uitpuurt tot zijn eeuwenoude essentie: een goed verhaal. Meer moet dat soms niet zijn.