'Ik ben niet goed in praten, maar ik heb wel iets te zeggen'
30/08/2012 - De Morgen

Koba Ryckewaert (18) sch/drijft de woede uit in All That Is Wrong. En met succes, zo blijkt weer eens op het Fringe Festival in Edinburgh.

De verrassing is er intussen wel wat af: voor de vierde keer al (na 2007, 2008 en 2009) kaapte een productie van Ontroerend Goed op het Fringe Festival in Edinburgh de Fringe First Award weg, voor "uitzonderlijke prestaties in het schrijven van hedendaags theater". Wél verrassend is dat de auteur van All That Is Wrong de achttienjarige Koba Ryckewaert is.Ze schuwt de spotlights maar heeft achttien lentes achter de rug waarvan leeftijdsgenoten enkel kunnen dromen. Als dertienjarige creëerde ze mee aan Pubers bestaan niet (2008) en toerde er de wereld mee rond - een jaar later volgde Teenage Riot (2010). Het sluitstuk van de trilogie over teenagers vertrouwde regisseur Alexander Devriendt toe aan haar schrijftalent. All That Is Wrong gebruikt enkel Koba's woorden, en Koba doet ook op scène waar ze het beste in is: schrijven.

Pubers bestaan niet, Teenage Riot en All That Is Wrong zijn alle drie explosieve, woedende voorstellingen.

Koba Ryckewaert: "Dat is zo. Al hebben we die woede in All That Is Wrong een andere gedaante trachten te geven, omdat we merkten dat de agressie van Teenage Riot sommige mensen afstootte, waardoor ze stopten met luisteren. In All That Is Wrong staan er geen woedende pubers tegenover het publiek maar alleen Zach (Hatch, performer, red.) en ik, en de woede is grotendeels op mezelf gericht."

Je vertelt niet zomaar wat je woedend maakt, maar je schrijft het neer met krijt, tot er een indrukwekkend woordentapijt ontstaat.

"Al schrijvend orden ik mijn denken, zodat ik grip zou kunnen krijgen op wat zich opstapelt in mijn hoofd. Ik ben niet zo goed in praten, maar ik heb wel dingen te zeggen."Er zijn veel dingen om woedend over te zijn - ik start bij mezelf en mijn naaste omgeving, maar de gedachten breiden zich uit als een olievlek, naar de usual suspects zoals geld, kapitalisme, honger, armoede, maar ook daar voorbij. Soms raak ik gefrustreerd, omdat dat krijtbord zo hopeloos vol komt te staan, of omdat ik de juiste woorden niet vind. Ook daarover gaat All That Is Wrong: over de juiste woorden vinden."

Wat komt er na die inventaris - wat is het denkbeeldige doel ervan?

"Het schrijven is een aanzet tot handelen - eens je opgeschreven hebt wat er fout gaat, kun je dat niet meer ontkennen, dan ben je je er onontkoombaar bewust van, het schrijven maakt het tot een realiteit. Dan moet je wel beslissen wat je wilt doen, hoe je wilt ingrijpen op de wereld. Ik ben achttien nu: ik moet beginnen keuzes maken, verantwoordelijkheid nemen."

Is je zoektocht op scène een vertaling van een reële zoektocht in je leven - versterken leven en theater elkaar?

"Zonder de drie stukken zou ik een ander mens zijn - ik kan me zelfs niet inbeelden wie. Pubers bestaan niet of Teenage Riot weerspiegelden mezelf, maar ze hebben me ook beïnvloed." In All That Is Wrong voel ik nog sterker dat ik het ben - ik sta daar gewoon, ik ben niemand aan het spelen. Ik bén op zoek naar een manier om iets te betekenen, naar een manier waarop ik mensen naar me kan laten luisteren, en naar wat ik dan zou moeten zeggen - en niet alleen voor de voorstelling."

Heb je het gevoel dat je daarmee het engagement van een hele generatie representeert?

"Het is iets dat altijd opnieuw wordt gezegd, dat de jonge generatie zich nergens iets van aantrekt. Maar zelf voel ik dat ik heel hard ergens wil tegen vechten, en ik herken dat bij mijn leeftijdsgenoten. Alleen was er vroeger vaak één onrecht waartegen een hele generatie kon vechten, terwijl er nu zoveel tegelijk aan de hand is. Je moet kiezen, en iedereen doet dat op zijn eigen manier. In mijn klas zat een meisje dat voor een halfjaar in Afrika in een weeshuis is gaan werken. Ik probeer iets te doen via theater - en ik ben er niet eens zo zeker van dat dat finaal mijn manier is."

Je was ook in de vorige voorstellingen vooral een beschouwer, en nu, als schrijver, ben je dat zeker. Is dat geen eenzame positie?

"In deze voorstelling heb ik daar minder last van - misschien omdat ik voor het eerst iets heb kunnen schrijven dat we samen op scène hebben gezet. Schrijven is eenzaam, maar niet als je het samen doet, en als je het kan delen met een publiek."